De club of…

DEN DEE TEE

                          Hoe belangrijk is voetbal? Dat hangt er vanaf aan wie je het vraagt natuurlijk. Voor wie niet geïnteresseerd is in het spelletje met de bal: geen bal. Voor zo iemand kan een keukenexperiment, het weerbericht, ja zelfs het conflict tussen Israëlli en Palestijnen belangrijker zijn. Het is dus een domme vraag. Nieuwe poging: hoeveel belang moet een voetbalploeg met titelambities hechten aan het voetbal? Hangt het antwoord op deze vraag ook nog ergens van af? Nee toch zeker? Spelers en trainers die willen winnen, hebben daar álles voor over. Voor hen geldt het motto: “voetbal is mijn leven”. Dat vraagt niet om een beredeneerd argument, het is een dogma. Met andere woorden, het is zo, punt uit. Anders geformuleerd klinkt dat motto: “winnen of doodgaan”. Er is niets, maar dan ook helemaal niets wat meer belang heeft. Later misschien, als ze te oud zijn. Daarom geeft zo’n speler zijn leven voor het voetbal. Hij offert aan de voetbalgoden, van zijn grillen, zijn vrije tijd, zijn ontspanning, zijn favoriete si-en-la’s, tot en met zijn gezinsleven. Hij offert alles op. Zich zelf dus. Naast het veld, maar ook erop, want voetbal is een ploegsport. Hij kan pas winnen als hij naast zich nog tien dergelijke zotten vindt. Alleen elf bezetenen samen kunnen winnen. Want dan vormen ze niet zomaar een ploeg. Nee, ze verdwijnen uit het zicht om plaats te maken voor iets wat hen overstijgt. Sommigen noemen het “den Dee Tee”.
Eigenlijk is al de rest letterlijk bij-komstig. Een bestuur, een organisatie, sponsors, supporters… die komen er vanzelf wel bij. Ze hoeven er niet eerst te zijn. En de trainer? Tja , wat moet die? Weinig eigenlijk, behalve alles. Ik bedoel: veel moet hij niet zeggen, hij moet niet eens zo voetbaldeskundig zijn zoals men ons soms wil doen geloven. Hij moet voor hun bezetenheid alleen een klankbord zijn naast het veld. Iemand dus aan wie de spelers merken dat voetbal alles is in zijn leven. Die gelukkig is als zij gelukkig zijn, en ongelukkig als zij dat zijn. Dan is hij cement. Het laatste wat hij moet zeggen is dat er belangrijker dingen zijn dan voetbal. Dat hij er dus niet van wakker ligt. Want dan peutert hij het cement van tussen de voegen.

                          Zo, alles is gezegd over wat er nodig is om “den Dee Tee” ieder seizoen te laten herrijzen: elf zotten op het veld en één er naast. Zo simpel als wat. Zullen ze elke match winnen? Laat ons niet naïef zijn… er is talent en talent. Er zijn zo van die zaterdagen waarop het tikkeltje geluk ontbreekt, de voetbalgoden je in de steek laten. Die hebben grillen, daar kan je niet onderuit. Moet er elders naar voetbaltechnische wonderkinderen gezocht worden? Ach welnee. We zijn allemaal blij met vijftien bezetenen per ploeg, meer hoeft dat niet te zijn. Ze kunnen best een match verliezen, als het maar onverdiend is. En dat zal het altijd zijn. Op de keper beschouwd is onverdiend verliezen zelfs mooier dan onverdiend winnen. Want dat laatste gaat snel vervelen. En allebei blijven ze niet duren. Onverdiend verliezen houdt altijd een boodschap in. Dat het er vroeg of laat moet uitkomen. Omdat het erin zit. En als je diep vanbinnen dat gevoel hebt, kan het niet meer stuk. Een heel seizoen lang niet meer.

EB